A.1 Tabblad schuldenaar
Handleiding invullen vtlb calculator 2026
Inhoud
- A.Tabbladen
- B.Uitdraai calculator
- C.Overige aandachtspunten
- C.1Correcties woonlasten
- C.2Vtlb en buitenlands inkomen en/of wonend in het buitenland
- C.3Huwelijksvermogensrecht per 2018
- C.4Vtlb bij partner met inkomen uit zzp-werkzaamheden
- C.5Werkwijze bij aanvullende Pw-uitkering bij paar
- C.6Werkwijze verplicht zelf afdragen pensioen
- C.7Particuliere lease auto en het vtlb
- C.8Bijzonderheden voor het vtlb bij personen in een instelling
- C.9Werkwijze invullen vtlb-calculator bij overwerk
- C.10Berekenen netto vakantiegeld bij lage inkomens
- C.11Inkomensgrenzen behorend bij de verschillende groepen
A.1 Tabblad schuldenaar

Aandachtspunten
'Datum toelating Wsnp'(of Msnp)
Het invullen van dit veld is niet verplicht. Als de ingevulde datum valt ná 1 juli 2023 of als geen datum is ingevuld, volgt op pagina 3 van de uitdraai een opmerking over de startdatum en de werkwijze inzake de afdracht van het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering.
‘Startdatum looptijd Wsnp’
Dit veld kan ingevuld worden als in het toelatingsvonnis Wsnp een eerdere ingangsdatum van de Wsnp is vastgesteld. Op deze manier is duidelijk wanneer de looptijd van de Wsnp is gestart.
'Opgenomen in inrichting?
Als deze optie is aangevinkt, wordt de beslagvrije voet berekend op basis van de inrichtingsnorm. Zie voor de bijzonderheden ook paragraaf 3.1.3 van het vtlb-rapport.
Is er sprake van een paar, verblijven ze beiden in een inrichting en zijn beiden een eigen bijdrage WLZ verschuldigd, dan werkt de koppeling met de rekentool niet goed. De oplossing is te vinden in deze handleiding onder ‘tabblad uitgaven’.
'Partner aanwezig'
Onder partners wordt niet alléén verstaan gehuwden, maar ook mensen die samenwonen kunnen gezien worden gezien als ‘partners’. In paragraaf 3.1.2 van het vtlb-rapport is dit verder uitgelegd. Is er een partner aanwezig, dan moet het inkomen van deze partner ook ingevuld worden in de calculator.
'(Beperkte) Gemeenschap van goederen'
De keuze ‘ja’ geldt voor alle huwelijken (of geregistreerd partnerschap) waarbij geen huwelijkse voorwaarden zijn opgemaakt, ongeacht of het huwelijk (of geregistreerd partnerschap) vóór, op of na 1 januari 2018 is gesloten.
‘Beiden in regeling’
Ook wanneer één partner toegelaten is tot de Wsnp en de andere partner doorloopt een Msnp, wordt bij deze optie ‘ja’ gekozen. Dit geldt ook als ten aanzien van één van de partners een faillissement is uitgesproken.
‘Huwelijk gesloten in’
Per 1 januari 2018 is het huwelijksvermogensrecht gewijzigd en dit kan gevolgen hebben voor de uitdeling van het boedelsaldo. Als in dit veld is ingevoerd dat het huwelijk is gesloten op of na 1 januari 2018, verschijnt het jaartal van het huwelijk op de uitdraai van de vtlb-berekening. Ook verschijnt dan onderaan pagina 3 een opmerking over de regels van verdeling van de gezamenlijke afloscapaciteit. Dit werkt verder niet door in de calculator.
Onder C.3 is een nadere toelichting opgenomen hoe in het vtlb moet worden omgegaan met huwelijken die op of na 1 januari 2018 zijn gesloten.
‘(Beperkte) Gemeenschap van goederen’ en ‘Huwelijk gesloten in’ kunnen pas worden ingevuld zodra ‘Ja’ is aangevinkt bij ‘Partner aanwezig’.
‘BVV Portaal laatste meldingen’
De webservice die de beslagvrije voet berekent (de burgertool) stuurt ook een aantal meldingen terug. Deze meldingen kunnen behulpzaam zijn om de berekende beslagvrije voet beter te kunnen duiden. De meest voorkomende meldingen zijn:
- 10101: Woonkostenverhoging is toegepast
- 10102: Woonkostenverhoging is niet toegepast want verlopen einddatum. (Deze melding komt er ook te staan als de ‘startdatum correctie woonlasten’ leeg is of als de ingevulde datum ouder is dan 18 maanden.)
- 10104: Woonkostenverhoging is niet toegepast omdat er niet wordt voldaan aan de voorwaarden
- 10020: De verlaging voor privégebruik voertuig is meegenomen in de totstandkoming van de BVV. Deze verlaging mag pas toegepast worden vanaf 1 januari in het kalenderjaar volgend op beslaglegging.
- 10021: beslagvrije voet is vastgesteld op basis van verblijf in inrichting