6.1.4 Tegemoetkoming arbeidsongeschikten en individuele inkomenstoeslag
Vtlb rapport januari 2026
Inhoud
- Colofon
- 1.Algemeen
- 2.De berekening van het vrij te laten bedrag en de afloscapaciteit
- 3.De beslagvrije voet volgens art. 475da Rv
- 3.1De verschillende leefsituaties
- 3.2De verschillende groepen schuldenaren op basis van het belastbaar inkomen
- 3.3Verhoging beslagvrije voet voor woonkosten
- 3.4Verlaging van de beslagvrije voet in verband met privégebruik auto van de zaak (artikel 475db lid 1c)
- 3.5Artikel 475db lid 1a Rv – Aftrek van inkomsten partner
- 4.Reserverings-en arbeidstoeslag, correctie voor Eigen Risico zorgverzekering en correctie voor PGL-norm
- 5.Kosten waarvoor gecorrigeerd kan worden door de rechter-commissaris
- 5.1Correctie individuele lasten
- 5.2Correctie woonlasten boven maximale huur voor huurtoeslag en niet gecorrigeerd in de beslagvrije voet
- 5.3Gemeente- en waterschapsbelastingen
- 5.4Ziektekosten
- 5.5Kosten auto en vervoer
- 5.6Studiekosten van kinderen van de schuldenaar
- 5.7Kosten kinderopvang
- 5.8Alimentatie, co-ouderschap en omgangsregeling
- 5.9Correctie voor kosten budgetbeheer, budgetbegeleiding, mentorschap en beschermingsbewind
- 5.10Overige correcties
- 5.11Geen correcties
- 6.Inkomsten
- 6.1Inkomsten die wel als inkomen worden aangemerkt
- 6.1.1Inkomsten in verband met meerderjarige inwoners
- 6.1.2Verdeling heffingskortingen
- 6.1.3Belastingaftrek specifieke ziektekosten/ Tegemoetkoming Specifieke Ziektekosten (TSZ)
- 6.1.4Tegemoetkoming arbeidsongeschikten en individuele inkomenstoeslag
- 6.1.5Inkomen van zzp’ers en andere zelfstandig ondernemers zijnde een natuurlijk persoon
- 6.2Inkomsten die niet als inkomen worden aangemerkt
- 6.2.1Nabestaanden- en wezen uitkering
- 6.2.2Kinderbijslag
- 6.2.3Bijzondere bijstand
- 6.2.4Studiefinanciering voor schuldenaar en/of partner
- 6.2.5Uitkeringen op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten
- 6.2.6Kindgebonden budget (KGB)
- 6.2.7Zorgtoeslag
- 6.2.8Inkomsten uit overwerk
- 6.2.9Vakantiegeld, eindejaarsuitkering, tijdsparen, uitbetaalde vakantiedagen, individueel keuzebudget
- 6.2.10Pleegkindvergoeding
- 6.2.11Persoonsgebonden budget (PGB)
- 6.2.12Onkostenvergoeding voor internationale chauffeurs
- 6.2.13thuiswerkkostenvergoeding
- 6.2.14Tegemoetkoming alleenverdieners
- 6.1Inkomsten die wel als inkomen worden aangemerkt
- 7.Overheveling
- Bijlage 1: De werking van de vtlb-calculator
- Bijlage 2: normbedragen
6.1.4 Tegemoetkoming arbeidsongeschikten en individuele inkomenstoeslag
De tegemoetkoming arbeidsongeschikten en de individuele inkomenstoeslag worden beschouwd als inkomen.
Ten aanzien van de tegemoetkoming arbeidsongeschikten geldt dat ervan wordt uitgegaan dat hier reële kosten tegenover staan. Deze tegemoetkoming valt dus in beginsel niet in de boedel.
De individuele inkomenstoeslag is een toeslag voor wie langdurig heeft moeten rondkomen van een laag inkomen. Deze toeslag is een toekenning achteraf en wordt eenmaal per jaar uitbetaald. Verrekening per jaar doet echter geen recht aan het doel van de inkomenstoeslag. De jaarlijkse toeslag dient daarom met terugwerkende kracht maandelijks (dus 1/12e deel van de toeslag per maand) bij het inkomen te worden opgeteld als ‘overige inkomsten niet voor de beslagvrije voet’.Omdat het een betaling achteraf betreft, zijn de principes van een nabetaling hierop van toepassing. Als de individuele inkomenstoeslag wordt uitgekeerd binnen het jaar dat de Wsnp is ingegaan, valt daarom het deel van vóór de ingangsdatum Wsnp in de boedel (zie §6.1).